![]() Extern MIDI Instrument-venster |
Het grote vak in de Patch-sectie toont de naam van de patch. Je kan er op klikken om een patch te kiezen op naam. De namen komen uit een Patchmap-bestand. Het menu van de ☰ knop kan worden gebruikt om het Patchmap-bestand te selecteren dat bij jouw MIDI Uit Apparaat hoort. Zie ook de paragraaf MIDI-CI hieronder.
Tip: je kunt de Pijl-omhoog/omlaag-toetsen gebruiken om door de patches te bladeren.
Het Bank Hoog : Laag : Prog-vak toont de gebruikte bank (optioneel) en het programma. De waarden kunnen worden aangepast door erop te klikken. Bank Hoog, Bank Laag en Prog zijn getallen (0..127), gescheiden door dubbele punten (bijvoorbeeld: 0:1:2 betekent Bank 1 en Programma 2). Bank Hoog en Laag, ook wel bekend als Bank MSB en LSB, komen overeen met respectievelijk MIDI controllers #0 en #32. Druk op Enter om de nieuwe waarde te accepteren, of op Esc om te annuleren.
Kanaal (rechtsboven) geeft het gebruikte MIDI-kanaal aan.
De Controls-sectie beïnvloedt hoe de patch klinkt.
Brightness, Reverb en Chorus regelen respectievelijk MIDI-controller #74, #91 en #93. Ze werken alleen als jouw synthesizer deze ondersteunt. Andere controllers kunnen verschijnen als het MIDI Uit Apparaat MIDI-CI ondersteunt, of als een patchmapbestand ondersteunde controls specificeert.
Detune ontstemt de patch via Pitch Bend-berichten. De waarde wordt opgeslagen in het MIDI-bestand als RPN 1.
Een MIDI Uit Apparaat bevat 16 MIDI-kanalen. MIDI Uit Apparaten worden gevirtualiseerd door MultitrackStudio, wat betekent dat een enkel MIDI-kanaal door meerdere tracks kan worden gebruikt. MultitrackStudio zorgt er automatisch voor dat elke noot met zijn eigen patch en controls wordt afgespeeld. Uiteraard werkt dit alleen goed als tracks die hetzelfde MIDI-kanaal gebruiken niet gelijktijdig noten spelen.
De volgende controllers hebben standaardwaarden en vereisen geen aandacht:
Alle andere controllers hebben geen standaardwaarden. Als ze in één track worden gebruikt, moeten ze ook worden gedefinieerd in alle andere tracks die hetzelfde kanaal op hetzelfde MIDI Uit Apparaat gebruiken.
Opmerking: strikt genomen werkt virtualisatie per stream ipv. per track.
Als het MIDI Uit Apparaat het MIDI 2.0-protocol niet ondersteunt wordt "Multi-timbrale expressie" gebruikt om enkele MIDI 2.0 per-noot controls om te zetten naar MIDI 1.0 kanaal controls. Dit werkt met multitimbrale apparaten (die 16 instrumenten op 16 kanalen kunnen spelen).
Net als bij MPE krijgt elke noot zijn eigen MIDI-kanaal. Kanalen 12..16 en het kanaal dat door de track wordt gebruikt worden hiervoor ingezet, wat in totaal 6 kanalen geeft (of 5 als de track kanaal 12 of hoger gebruikt). De andere kanalen blijven beschikbaar voor andere tracks.
"Multi-timbrale expressie" werkt met per-noot Pitch Bend, Brightness, Aftertouch en Expression. Deze berichten worden omgezet naar hun kanaal-tegenhangers. "Multi-timbrale expressie" wordt automatisch gebruikt als een van de genoemde per-noot controls (behalve Aftertouch) wordt verstuurd.
Om een goede compatibiliteit te waarborgen worden geen Pitch Bend-bereiken hoger dan 24 halve tonen gebruikt. Als jouw apparaat 24 halve tonen niet ondersteunt, kun je een lagere waarde instellen in de per-noot Pitch Bend-editor. Pitch Bend-waarden worden automatisch naar het gebruikte bereik geconverteerd indien nodig.
Tip: per-noot Pitch Bend, Brightness en Aftertouch werken met een MPE keyboard. Als je per-noot Expression wilt gebruiken kun je de MIDI Keyboard Opties gebruiken. Stel het zo in dat per-noot Aftertouch of per-noot Brightness wordt omgezet naar per-noot Expression.
Het Patchmap-menu, beschikbaar via de ☰ knop, bevat een optie "MIDI-CI toestaan". Het staat standaard aan. Er staat "MIDI-CI toestaan (beschikbaar)" als programmanaamgegevens beschikbaar zijn. Als dat zo is, worden de MIDI-CI-gegevens automatisch gebruikt in plaats van het geselecteerde Patchmap-bestand. Als je liever een Patchmap-bestand gebruikt kun je "MIDI-CI toestaan" uitschakelen.
MIDI-CI werkt automatisch met USB MIDI 2.0 class-compliant apparaten. Zie MIDI-CI voor informatie over het instellen van MIDI-CI met twee MIDI 1.0-poorten.
Onder de motorkap
Het gedeelte van MIDI-CI dat wordt gebruikt heet Property Exchange. De resources ResourceList, ChannelList, ProgramList, ChCtrlList en Korg's X-ParameterList worden gebruikt. MultitrackStudio abonneert zich op de ChannelList-resource, zodat het meldingen krijgt als er iets verandert.
Diverse MIDI-CI profielen worden ondersteund.